Schadeadviesbureau’s: hoge schadefrequentie indicator voor ernstige ongevallen

Schade • Het is cruciaal om grip te hebben op schadecijfers, stellen de adviesbureau’s.
Robert L. Smid Robert L. Smid
• Laatste update:
Foto: Shutterstock

Een hoge schadefrequentie is een ‘significante’ indicator voor ernstige ongevallen, zo stellen verschillende adviesbureau’s die partijen adviseren hoe wagenparkbeheerders hun schadefrequentie in kunnen perken. Zij roepen wagenparkbeheerders op om eerder alert te zijn op een hoge schadefrequentie.

Schadepreventie-specialisten worden pas gebruikt nadat wagenparverzekeraars een forse premieverhoging doorvoeren, stelt schadepreventie specialist bij adviesbureau Driverlinq Mark Maaskant. “Dit gebeurt wanneer de premie/schade-verhouding uit balans is geraakt”, zegt hij. “De premie is dan al verhoogd en het aantal schades is aanzienlijk. Wagenparken met een schadefrequentie van 100 procent of hoger zijn geen uitzondering. Dit betekent dat elk voertuig minimaal één keer per jaar schade meldt. Dit betreft niet alleen kleine schades zoals paaltjes, maar ook ernstige ‘schuldschades’ waarbij een tegenpartij betrokken is, zoals achterop een voertuig rijden, voorrangsfouten en aanrijdingen met kwetsbare verkeersdeelnemers.”

Eelco van de Wiel van Fleet Insurance, een adviesbureau voor leasemaatschappijen, stelt dat bij een hoge schadefrequentie de kans op een ernstige calamiteit groter is. “Onze steekproef van 371 duizend voertuigjaren van leasevoertuigen in Nederland toonde een gemiddelde schadefrequentie van 39 procent. Bestuurders met een totale schadelast van meer dan 100 duizend euro gedurende de leaseovereenkomst hadden een gemiddelde schadefrequentie van 123 procent. Dit geeft aan dat bestuurders met meerdere schademeldingen ook vaker betrokken zijn bij ongevallen met een tegenpartij.”

Data

Van de Wiel is van mening dat het cruciaal is om grip te hebben op schadecijfers, ‘zowel voor verzekeraars, leasemaatschappijen als fleetowners’. “Het correct interpreteren van data helpt bij het vroegtijdig signaleren van wagenparken, verzekerde klanten of bestuurders met een hoog risico. Dit biedt de mogelijkheid om tijdig maatregelen te nemen,” aldus Van de Wiel. “Niet ingrijpen kan leiden tot dure WA-schades en letselongevallen.”

Uit een netwerkstudie, uitgevoerd door adviesbureau KPMG in opdracht van Bovag Schadeherstelbedrijven, blijkt dat het schadevolume richting 2030 weliswaar iets krimpt, maar dat de totale schadelast zal stijgen. De leaserijder speelt de komende jaren een grote rol. Lees het verhaal hier.

Schadeadviesbureau’s: hoge schadefrequentie indicator voor ernstige ongevallen | Fleet&Mobility

Schadeadviesbureau’s: hoge schadefrequentie indicator voor ernstige ongevallen

Schade • Het is cruciaal om grip te hebben op schadecijfers, stellen de adviesbureau’s.
Robert L. Smid Robert L. Smid
• Laatste update:
Foto: Shutterstock

Een hoge schadefrequentie is een ‘significante’ indicator voor ernstige ongevallen, zo stellen verschillende adviesbureau’s die partijen adviseren hoe wagenparkbeheerders hun schadefrequentie in kunnen perken. Zij roepen wagenparkbeheerders op om eerder alert te zijn op een hoge schadefrequentie.

Schadepreventie-specialisten worden pas gebruikt nadat wagenparverzekeraars een forse premieverhoging doorvoeren, stelt schadepreventie specialist bij adviesbureau Driverlinq Mark Maaskant. “Dit gebeurt wanneer de premie/schade-verhouding uit balans is geraakt”, zegt hij. “De premie is dan al verhoogd en het aantal schades is aanzienlijk. Wagenparken met een schadefrequentie van 100 procent of hoger zijn geen uitzondering. Dit betekent dat elk voertuig minimaal één keer per jaar schade meldt. Dit betreft niet alleen kleine schades zoals paaltjes, maar ook ernstige ‘schuldschades’ waarbij een tegenpartij betrokken is, zoals achterop een voertuig rijden, voorrangsfouten en aanrijdingen met kwetsbare verkeersdeelnemers.”

Eelco van de Wiel van Fleet Insurance, een adviesbureau voor leasemaatschappijen, stelt dat bij een hoge schadefrequentie de kans op een ernstige calamiteit groter is. “Onze steekproef van 371 duizend voertuigjaren van leasevoertuigen in Nederland toonde een gemiddelde schadefrequentie van 39 procent. Bestuurders met een totale schadelast van meer dan 100 duizend euro gedurende de leaseovereenkomst hadden een gemiddelde schadefrequentie van 123 procent. Dit geeft aan dat bestuurders met meerdere schademeldingen ook vaker betrokken zijn bij ongevallen met een tegenpartij.”

Data

Van de Wiel is van mening dat het cruciaal is om grip te hebben op schadecijfers, ‘zowel voor verzekeraars, leasemaatschappijen als fleetowners’. “Het correct interpreteren van data helpt bij het vroegtijdig signaleren van wagenparken, verzekerde klanten of bestuurders met een hoog risico. Dit biedt de mogelijkheid om tijdig maatregelen te nemen,” aldus Van de Wiel. “Niet ingrijpen kan leiden tot dure WA-schades en letselongevallen.”

Uit een netwerkstudie, uitgevoerd door adviesbureau KPMG in opdracht van Bovag Schadeherstelbedrijven, blijkt dat het schadevolume richting 2030 weliswaar iets krimpt, maar dat de totale schadelast zal stijgen. De leaserijder speelt de komende jaren een grote rol. Lees het verhaal hier.